Israëliër

afbreking: Is·ra·ë·li·ër [ ? ]
lidwoord: de  
meervoud: Is·ra·ë·li·ërs  
herkomst: Hebreeuws-Nederlands [ ? ]

  inwoner van de staat Israël [ ? ]

verwant: Hebreeuws-Nederlands ook: Israëli [ ? ]
© 2010 - 2024 Alle rechten voorbehouden