Achia

Achia (1)

afbreking: Achia [ ? ]
herkomst: Hebreeuws (transcriptieversie) [ ? ]
letterlijk: '(mijn) broer is de Heer';  

 
  1. nakomeling van Eli, zoon van Achitub-1, priester (1 Sam. 14:3, 14:18);
  2. zoon van Sisa, schrijver bij koning Salomo-1 (1 Kon. 4:3);
  3. profeet uit Silo; andere naam: Achiahu (6x: 1 Kon. 11:29 +, 2 Kron. 9:29);
  4. vader van koning Basa van Israël-4 (5x: 1 Kon. 15:27 +, 2 Kon. 9:9);
  5. een van de hoofden van het volk die zich na terugkeer uit de ballingschap in Babel-2 verbinden om de Tora te onderhouden (Neh. 10:27);
  6. afstammeling van Juda-1, vijfde zoon van Jerachmeël (1 Kron. 2:25);
  7. afstammeling van Benjamin-1, mogelijk identiek met Achoach (1 Kron. 8:7);
  8. een van de helden van David-1, uit Pelon (1 Kron. 11:36);
  9. Leviet-2, verantwoordelijk voor schatkamers onder David-1 (1 Kron. 26:20)
[ ? ]

verwant: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie): Achia(2) [ ? ]

Achia (2)

afbreking: Achia [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie) [ ? ]
letterlijk: '(mijn) broer is de Heer';  

 
  1. nakomeling van Eli(2), zoon van Achitub-1, priester (1 Sam. 14:3, 14:18);
  2. zoon van Sisa, schrijver bij koning Salomo-1 (1 Kon. 4:3);
  3. profeet uit Silo; andere naam: Achiahu (6x: 1 Kon. 11:29 +, 2 Kron. 9:29);
  4. vader van koning Basa van Israël-4 (5x: 1 Kon. 15:27 +, 2 Kon. 9:9);
  5. een van de hoofden van het volk die zich na terugkeer uit de ballingschap in Babel-2 verbinden om de Tora te onderhouden (Neh. 10:27);
  6. afstammeling van Juda-1, vijfde zoon van Jerachmeël (1 Kron. 2:25);
  7. afstammeling van Benjamin-1, mogelijk identiek met Achoach (1 Kron. 8:7);
  8. een van de helden van David-1, uit Pelon (1 Kron. 11:36);
  9. Leviet-2, verantwoordelijk voor schatkamers onder David-1 (1 Kron. 26:20)
[ ? ]

verwant: Hebreeuws (transcriptieversie): Achia [ ? ]
zie ook: Achiahu, Achia  
© 2010 - 2024 Alle rechten voorbehouden